Zoals een kaars doet met het donker

In ons leven staat dezer dagen een zware, zwarte balk van lijden.
Het leven en samenleven lijken soms
één grote, grijze zone geworden. De onschuld is weg.

Zo was het ook in die eerste Stille Week.
Witte Donderdag, het laatste avondmaal: ondoenbaar afscheid.
Goede Vrijdag: ondraaglijke dood.
Stille Zaterdag: snijdend gemis.

Maar zie wat er gebeurt
wanneer in de leegte een kaars wordt aangestoken.
Grijs en zwart verschuiven naar de achtergrond.
De kaarsvlam trekt een grens aan de macht van het donker.

Waar mensen het Licht laten binnen schijnen in hun ziel,
verliezen negatieve gevoelens en gedachten
hun greep op geest en lichaam.

Pasen gebeurt weer
wanneer we ons bewust worden dat licht het duister kan breken.
Pasen breekt open
wanneer we in het donker de moed hebben
om een kaars aan te steken.

Zijn het leven en samenleven dan hun pijn kwijt?
Nee,
maar een brandende kaars schept ruimte,
voor nieuw leven en nieuwe liefde.
Ons leven wordt – ondanks de kruisbalken –
draaglijk en bestaanbaar.

Kom,
Ook al kunnen we dit jaar niet samen de paaskaars aansteken
in onze kerkgebouw.
We steken nu elk in eigen huis
onze eigen kaars van hoop op verrijzenis aan.

Kom dan,
Licht dat mensen en wereld
tot klaarheid wil brengen.
Licht dat een nieuwe weg wil banen:
een weg om te leven,
een weg om samen te leven.
Kom en wees licht in ons,
hier en nu. Amen.

( Bij een kunstwerk Van Gerhard Richter )