Het continent van de gave

Cad Cp Ibib 225

Wie denkt dat hij of zij een ondraaglijk zware tijd meemaakt,
Wie beweert dat de overheid onze vrijheid onnodig of overdreven beknot,
die kan misschien de volgende dichtbundels eens doornemen:

  1. Staat van beleg. Van Mahmoud Darwisch, Palestijnse dichter.
  2. Continent van de gave. Adbellatif Laâbi, Marokkaanse dichter.

Ik citeer uit dat laatste werk.
Laâbi heeft 9 jaar in de gevangenis gezeten in Marokko. Hij geeft zich in Parijs gevestigd om zijn vrijheid van leven en werken te kunnen behouden.

De disgenoten

Mijn tafel staat gedekt en mijn disgenoten zijn te laat.
Vergaten zij mijn uitnodiging, verloren zij onderweg mijn adres? Wat is ze overkomen?
Ik wacht al uren, “met mijn oor tegen de deur”. Ik weet niet met hoevelen ze zullen zijn, of ze winter- of zomerkleren dragen, in welke taal ze bij het binnenkomen hun groet zullen formuleren.
Mijn tafel staat gedekt. Ik wacht zolang als nodig is of niet. En zelfs al was ik het slachtoffer van een illusie, toch hield ik koppig vol. Ik zou zeldzame vriendschappen uitvinden, open gezichten, zo leesbaar als kinderboeken, stemmen met verrukkelijke accenten en mondjes die het kleinste korreltje couscous zouden delen.
Mijn tafel staat gedekt. Ik heb er liefdevol al mijn culturen op geschikt. Muziek verzacht mijn wachten. Zij maakt mijn stoofpotjes mals, laat olijven glanzen, en geuren stijgen uit mijn kruiden op.
Eindelijk hoor ik stappen. Ik veer recht om de deur open te maken. Maar de deur vliegt in splinters uiteen. Zijn het wel mijn disgenoten? Mannen zonder aangezicht vallen binnen, het wapen in de hand. Ze slaan geen acht op mij.
Ze schieten de tafel aan gruzelementen en trekken zich terug zonder een woord. De muziek houdt op.
Wel, mij rest niets anders dan het huishouden te doen en een nieuwe maaltijd te bereiden.

Woorden van Abdellatif Laâbi.

Marokkaanse dichter,
ooit in de gevangenis en gemarteld wegens kritiek op het dictatoriale regime.

Jean-Paul Vermassen