Een huisbezinning in de sfeer van de paaswake

Een huisbezinning in de sfeer van de paaswake

Dit jaar geen paaswake in het vertrouwde kerkgebouw.
Wel een paasbezinning elk in ons eigen huis,
maar meer dan ooit verbonden
als grote geestelijke geloofsgemeenschap.

Waarom niet een korte of langere bezinning thuis voorzien:
rond de symbolen van licht en water, woord en brood?
Zo moeilijk is dat niet en het zal ons goed doen.

We steken een kaars aan.
We waken en bidden: om licht dat ons opwekt en aanstoot.
Licht van kracht en hoop.

We kijken naar een schaal met water.
We waken en bidden: om levend water,
water van hygiëne en zorg,
water van innerlijke vernieuwing.

We lezen een verhaal uit het evangelie:
een hertaling van het bekende Emmaüsverhaal van Lucas.
Zie tekst hieronder.

We waken en bidden:
mag ons overkomen wat de Emmaüsgangers overkwam.
Dat we nieuwe ogen ontvangen, dat ons hart gaat branden,
dat onze zwaarmoedigheid wordt omgebogen
tot nieuwe leefbaarheid en blijheid.

We leggen brood op onze tafel.
We waken en bidden:
om dagelijks brood en innerlijke kracht om van te leven,
om zelf brood en wijn te kunnen blijven voor anderen.

Mag de kracht van licht en water,
van woord en brood over ons komen
in deze dagen van droefenis en onzekerheid.
Mogen we kracht-in-kwetsbaarheid ontvangen.
Mogen we moedig blijven in onze persoonlijke en collectieve ballingschap.

Mag het Pasen worden in ons.
Mogen we het Pasen doen worden in anderen.
Ja, juist nu is het zo kostbaar:
kunnen opstaan en doorgaan
in de Geest van Jezus en zijn evangelie.

Gij, bron van nieuw leven en samenleven

Gij, die doorheen de geschiedenis ervaren werd
als een Bron van kracht in moeilijke tijden
Wees nu ook een Bron voor ons.

Bron van kracht van bevrijding uit slavernij,
Bron van kracht voor doortocht door woestijn,
Bron van kracht voor nieuw begin na een tijd van ballingschap,
Bron van kracht van opstanding na kruisweg en kruisiging,
word hier en nu onze Bron.

Dat wij ons blijven laven aan Uw werkzame aanwezigheid.
Dat wij mogen deelhebben aan de Geest
van uw geliefde Jezus,
uw stille bode en metgezel in ons midden.

Wees hier aanwezig
vandaag en alle dagen van ons leven.

Amen.

De Emmaüsgangers
( Vrij naar het Emmaüsverhaal in Lucas 24)

Ze waren weggevlucht uit de stad,
konden er niet meer tegen,
al die herinneringen,
al die dromen…
voorbij was het, over, voorgoed,
dood is dood!

In Jeruzalem ging alles gewoon door
net alsof er niets gebeurd was.

Sommigen herkenden hen
als zijn leerlingen
en natuurlijk lazen ze
op hun gezichten
de gestorven illusies.
Maar wie durfde
er iets over te zeggen?
Doen alsof je niets weet,
dat is beter.

Plotseling werden ze
aangesproken door een vreemdeling.

Vrij vlug had hij gemerkt
hoe verslagen ze waren,
volkomen gedeprimeerd!
Voorzichtig
informeerde hij naar de reden van hun bedrukte stemming…
Stomverbaasd keken ze hem aan.
Wist hij dan echt van niets?

Toen vertelden ze hem
over Jezus van Nazareth.
Hoe zij gehoopt hadden
dat hij de man zou zijn
die hen zou leiden en bevrijden;
eindelijk iets nieuws!

Maar gisteren, zo zeiden ze,
gisteren is hij vermoord,
aan het kruis geslagen: dood!
Alles voorbij, voorgoed verdwenen,
weg alle dromen!

Een paar vrouwen zegden wel
dat hij leeft,
maar wij, wij hebben hem toch nog niet gezien.

De vreemdeling bleef staan en keek hen aan.

Hij nam nu zelf het woord
en gaf uitgebreid tekst en uitleg:
verhalen en voorbeelden over innerlijke kracht na kruis,
over liefde en geloof over grenzen heen,
over innerlijk licht dat niemand kan doven.
Een mens en al wat hij aan hoop, geloof en liefde was
hoeft niet te verdwijnen
vanwege tegenwerking en tegenslag,
vanwege mislukking en liquidatie door anderen,
vanwege zijn dood.

Ze waren ook na dit lange en boeiende gesprek
nog niet in de stemming voor een warm onthaal,
maar toch boden ze hem gastvrijheid aan.
In stilte maakten ze het eten klaar
en gingen aan tafel.

De gast werd gastheer,
Hij nam het initiatief zoals weleer:
Hij sprak zegenende woorden uit over spijs en drank
en over het samenzijn aan tafel.
Hij nodigde hen uit
om echt maal-tijd te houden:
samen het brood breken en de beker delen.

Hun ogen ontmoeten hem voor het eerst.
Ze voelden hun hart warmer worden.
De kracht van diepe ontmoeting deed in hen iets herleven.
De vele flarden van gesprek
vielen samen in één nieuw en blik-verruimend vergezicht.

Ze voelden de drang om weer op te staan:
in beweging gebracht door een nieuwe energie.
Ze haastten zich terug naar de stad, naar de anderen.
En ook zij sloten zich nu aan bij allen die zeiden:
Hij leeft nog, zijn Geest gaat door.
Hij gaat met ons mee. Er gaat niets verloren.
Zijn erfenis leeft in ons voort,
zijn liefde duwt ons verder.
Er gaat niets verloren.